Geschreven door : Wouter Porteman - Categorieën : Reviews De Stripspeciaalzaak

Meneer Vadim - 1: Artrose, misdaad & schelpen

Meneer Vadim - 1: Artrose, misdaad & schelpen

Ene van ons

Ach, de Côte d’Azur. Haar stranden, haar luxe en... haar maffia. Een BMW met Belgische nummerplaat raast ’s nachts door de verlaten straten. Fuck. Een wegversperring. De flikken. Hij verwittigt nog snel zijn kompaan, Ivo, de vrachtwagenchauffeur die enkele kilometers achterop rijdt mét de drugs verstopt tussen een lading Antwerps frietvet, verstopt zich vlug in een zijstraatje. Wat later wordt er op zijn ruit geklopt. De politie. In het rusthuis van Cagnes-sur-Mer kijkt Vadim Koczinsky naar zijn dagelijkse soap. De vervloekte artrose houdt hem in de greep. Een sociaal assistente komt plots binnen met slecht nieuws. Vadims bewindvoerder is ervandoor met zijn pensioen van het vreemdelingenlegioen en al zijn centen die hij bewaarde om ooit te schenken aan Sacha, zijn kleinzoon die hij niet meer mag zien na het overlijden van zijn dochter. En of hij het rusthuis wil verlaten, alstublieft. Ze zal hem wel helpen een overnachtingsplaats te zoeken. Vadim haalt de schouders op en trekt de stad in. In een Belgische frituur wil hij een mitraillette (een stokbrood belegd met een hamburger, één blaadje sla, saus en frieten) eten. Terwijl hij aan het bestellen is, wordt het eethuis overvallen door drie gemaskerde gangsters. Zijn portefeuille, nu! Vadim grijpt naar zijn hart. Godver. Ook dat nog.

Wat is dat een toffe strip zeg! Scenarist Gihef liet zich vrijelijk beïnvloeden door de beste thema’s uit De zaak Alzheimer, Matroesjka’s, Marseille en Pulp Fiction. Bijster origineel is het allemaal niet, maar de mayonaise pakt. Het resultaat is een vlot geschreven thriller die zo bij ons op de buis kan. Dit is de betere shit die in Vlaanderen geweldig goed scoort in de kijkcijfers.

Morgann Tanco mocht de strip tekenen. Een kleine stap voor hem — hij tekende al verschillende Provençaalse Marcel Pagnol-verstrippingen — maar mogelijk een grote voor zijn carrière. Eindelijk losgekomen van het klassieke kader die de Pagnol-strips nodig hadden, straalt het tekenplezier van de pagina’s. Het vlamt, het springt en het is allemaal extreem duidelijk in beeld gebracht. Zijn tronies zijn heerlijk karikaturaal zonder ongeloofwaardig te zijn. En heel af en toe zien we zelfs wat van Jan Bosschaert doorschemeren. Dit is echt goed.

Enige b-mol is de inkleuring van de nochtans straffe Cerise. Zo herkenbaar ze de polars Soda, Stomp en Jerome K Jerome Bloks een eigen gekleurde smoel heeft gegeven, zo straf slaat ze hier de bal mis. Ze koos voor een wat doffe inkleuring, terwijl de locatie net smeekt om het snikhete, wat overbelichte kleurpallet dat ze al gebruikt heeft bij andere Zuid-Franse reeksen, zoals Luka en Leo Loden. Jammer. 

Meneer Vadim heeft alles om in de smaak te vallen in ons taalgebied. Stijl en scenario voelen enorm vertrouwd aan. Haast je, maar want dit zal rap uitverkocht raken. In het Frans verschijnt het slot van het tweeluik in augustus.