Geschreven door : David Steenhuyse - Categorieën : Reviews De Stripspeciaalzaak

Girlz - 4 : Jongens

Girlz - 4 : Jongens

Om te lachen

Een ideale zondagvoormiddag bestaat bij ons uit een stomende douche, een verse croissant van de warme bakker, een fris glas fruitsap (of jus d'orange voor de Nederlanders) en meteen daarna een makkelijke zetel met een stapeltje strips bij de hand. Steevast kiezen we voor komische strips als opwarmertjes voor het serieuzere werk. Een strip als De Kleine Robbe lees je nu eenmaal niet na bijvoorbeeld Capricornus. Welke opwarmertjes we de laatste weekends tot ons namen, lees je hieronder in een turbobespreking van acht komische reeksen.

Het kostte een tijdje tot Dick Heins in het stripblad Eppo, van zijn goede vriend en uitgever Rob van Bavel, zijn draai vond. Een reeksje over Napoleon Bonaparte als kind werd afgevoerd na een referendum van het blad. 40 Hours kwam in de plaats. Ook dat duurde weer een tijd tot de meeste lezers het konden waarderen, maar ondertussen hoort de pagina met vier stroken kantoorhumor tot het vaste meubilair van het blad. De strookjes kennen niet meer dan drie hoofdpersonages (en een sprekende cactus), jongeling Mark, de luie Bert en hun knappe diensthoofd Jensen, rond wie het dus allemaal draait. De onderlinge verhoudingen worden even onderuitgehaald als Mark het aanlegt met Jensen. Relatiehumor op kantoor, dat is onlosmakelijk met elkaar verbonden. Zie ook De Collega's, Het Eiland en The Office.
De grappen zijn vrij traditioneel. Er komt geen absurdisme en gemene humor aan te pas zoals in de tv-serie Toren C of het satirische gezwets in Debiteuren Crediteuren. De arena is het kantoor binnen de context van een werkruimte wat ook een duidelijk verschil is met Guust Flater waar het kantoor een circus, een dierentuin, een keuken en een laboratorium is. 40 Hours is ambtenarenhumor zoas in Dilbert en daar is het goed in.
De heldere lijn van Dick Heins kende in de beginperiode een soepeler lijnvoering. Van zijn klare lijn is hij overgestapt op een saaie lijn en dat valt te betreuren. De latere stroken zijn zo afgemeten, zo steriel, zo eentonig van stijl dat we een dezer dagen toch eens de computer van Heins willen afpakken om hem weer eens écht te laten tekenen. Exact halverwege pagina 7 zie je duidelijk de overgang. Als (digitaal?) inkter van Eppo (die op elke achterpagina van het gelijknamige stripblad is te zien) en Junior Suske en Wiske merken we eenzelfde weinig opwindende stijl. Wat nog niet wil zeggen dat hij er een rommeltje van maakt!

Het beroep van een leraar biedt voldoende stof tot grappen. Het zit vooral in de tegenstellingen: jong-oud, geleerd-dom, individu-groep, ernstig-cool,... De complete beroepscategorie vormt een dankbare inspiratiebron én ook een doelgroep want dankzij de Franse voorpublicatie in voor leraars bestemde tijdshriften en in jeugdbladen groeide Les Profs uit tot een bestseller van formaat. Ook Dokus de Leerling doet het goed bij de Franssprekende lezertjes. Daar bestaan inmiddels twee films van en straks komt een spin-off erbij over de lerarenkamer.
Van Beroep: Leraar werd al een album uitgegeven in de reeks Humor in Beroepen van Uitgeverij De Boemerang en het is nog maar de vraag waarom het nu wel zou lukken. De gagreeks komt uit dezelfde stal als Sisters en Dance Academy die vooral bij meisjes scoren. Beroep: Leraar bespeelt een veel ruimer lezersveld, maar doet het toch vooral door te focussen op de volwassenen in de strip. Hun studenten zijn inwisselbaar terwijl de leraars van elkaar onderscheiden worden door hun karakter, aanpak, gewoontes, gedrag en reacties. Onze favoriet is de strippende juf om de aandacht van haar leerlingen te pakken te krijgen... maar zouden die jonkies dan effectief iets bijleren?
Als rechtstreeks gevolg van Beroep: Leraar bestelden we van dezelfde auteurs Pierre Tranchand en François Corteggiani alle Franstalige albums van Marine die niet door Le Lombard werden vertaald, maar indertijd voor een deel wel in Zonneland verschenen. Erg leuke reeks was dat.

Dat de biografie van de Nederlandse zeeheld Michiel De Ruyter, een schrik van de Engelsen in de zeventiende eeuw, in talloze vormen bestaat, is niet vreemd. Om hem nu als driftig opdondertje te zien in een komische stripreeks is minder evident. Maar Pieter Hogenbirk en Herman Roozen slagen wonderwel in hun missie om van de brave christenziel een geslaagd humoristisch personage te maken. Dat presteerden ze ook al met de Nederlandse kunstschilder Rembrandt. In beide gevallen moeten we ons afvragen of het vat met grappen niet snel leeg zal zijn. Een, nu ja, 'actuele' knipoog is er nog naar het zeilmeisje Laura Dekker in de gedaante van een meisje dat als matroos meevaart met de bemanning, maar dat moeten de auteurs toch niet te veel proberen. Veel later dan de eerste publicatie van de stroken, komt dat soort humor nu al gedateerd over.
De meeste grappen hebben daarentegen de strijd tegen de Engelsen, de strijd tegen honger, opstand, ontberingen en het moeilijke leven aan boord van een oorlogsschip als onderwerp. In de meeste gevallen werken die ook. En we hebben het wel voor Hogenbirks zeer karikaturale stijl met rudimentaire vormen en met aardige poppetjes als figuren. Rembrandt kende echter een afwijkende inkleuring door met één hoofdkleur verschillende tinten weer te geven en nogal surrealistisch te werk te gaan met vlakken en uitsparingen. Die techniek heeft Hogenbirk achterwege moeten laten voor een meer commerciële inkleuring. Aanvankelijk vonden we dat jammer, maar uiteindelijk is het huidig uitgekiende kleurenpalet ook aangenaam om te zien. Hogenbirk heeft niet plat op de buik moeten gaan liggen.

 

Gerard Leever, de man die bij bijna elke Nederlandse uitgeverij strips heeft gepubliceerd, ziet zijn corpulente dierenliefhebber alsnog (en voor de tweede keer) als album verschijnen. Deze keer zette Strip2000 een stapje verder dan voorganger Silvester die het na één album voor bekeken hield. Datzelfde album is nu met een andere cover heruitgegeven na de eerdere verschijning van deel 2. Meer dan twee albums zal de reeks niet tellen, dat betekent dus 22 afgeronde verhalen over Dik van Dieren die met zijn beestenentourage tal van (vergezochte) avonturen beleeft.
De verhalen verschenen in Suske en Wiske Weekblad tot de stekker uit het blad werd getrokken. The story of his life voor Gleever want hij heeft al veel stopgezette reeksen achter de rug. In zijn amusante Gleevers Dagboek komt dat enkele keren ter sprake, steeds met een enorm relativeringsvermogen waardoor je het weer leuk gaat vinden.
Ook in Dik van Dieren etaleert Gleever zijn vermogen tot overdrijven, ritme en expressie, allemaal toegespitst op kinderen zonder dat het kinderachtig overkomt. Toch komt zijn werk helaas belangrijke drempels niet over om in de smaak te vallen bij een voldoende groot publiek. We nemen alleszins ons petje af voor Gleever die zelfs na alle tegenslagen zijn optimisme weet te handhaven. Dat is duidelijk merkbaar aan het enthousiasme dat in elk van zijn strips knettert.

Over Dokters kunnen we bondiger zijn. Ook een selectie van dit album verscheen al in de reeks Humor in Beroepen. Hier moet je niet te veel van verwachten. Men neme een scheurkalender met moppen, trekke er blaadjes af tot men aan een mop over dokters komt en men verstrippe de mop tot een gag. Om maar te zeggen dat we veel gags al elders zijn tegengekomen. Ook grafisch springt dit allerminst in het oog.
Dokters bewijst waarom strookjesstrips en gags soms beter werken als een dagelijkse of wekelijkse fequentie in een tijdschrift (al dan niet te lezen in de wachtkamer van je dokter) dan meer dan veertig keer na mekaar in een album.

We horen langs geen kanten tot de doelgroep waar Girlz pertinent op mikt: tienermeisjes die nog in het stadium zitten van de kalverliefdes, BFF's en zo cool mogelijk gekleed lopen. We kunnen ons indenken dat de liefhebbers van Sisters, Mooie Navels en Dance Academy ook van Girlz zullen houden, temeer omdat de gags eveneens in het meidenblad Tina verschijnen. Elke pagina bestaat uit opeenvolgende cartoons die naar een pointe leiden. Dat is dus veel humor per pagina en nog meer per album. Het is nooit haha-humor, maar de naïviteit is alleraardigst charmant en de twee hoofdfiguren, Marijn en Julie, kunnen wij wel velen. Een en al luchtigheid en positiviteit dus, geen spek voor zuurpruimen. Een paar keer hadden we echter de indruk dat de vertaler (nie tminder dan Douwe Dabbert-scenarist Thom Roep) moeite had om een woordgrap te vertalen.
De scenariootjes komen van de hand van Jacky Goupil, in een vorig leven de scenarist van Het Kristallen Zwaard, maar altijd al een schrijver van cartoonboeken over horoscopen en in gags verwerkte tips voor schoolmeisjes. Een expert ter zake.

Peer de Plintkabouter is een oude bekende die nu bij humorspecialist Strip2000 opduikt. Elk album staat bij ons op de plank en geen ervan vinden we mooi getekend, maar dat geldt ons inziens voor het complete œuvre van Marq van Broekhoven. De reden waarom wij recidiveren zit 'm in de kwaliteit van de grappen. De strookjes zijn afwisselend goed gevonden, oerflauw, steunend op situatiehumor of woordspelingen. Tien keer schieten, vijf keer raak. Aan zo'n gemiddelde raken er maar weinig.

Met deel 3 en 7 voltooide Strip2000 de reeks heruitgaven en nieuwe albums van Tom Carbon. Beide albums bieden meer van hetzelfde en dat is heel wat. De ontwapenende humor van de Vlaamse absurdisten (zie ook Nix of Bart Schoofs) blijft een troef. Tom krijgt in Schudden voor Gebruik te maken met een oude geest uit een koffiezetmachine, aliens die eruitzien als een benzinepomp, een heks die hem in een kikker omtovert, de Kerstman, een veeleisende tuinkabouter en meer van dat soort gekkigheid. Tannenbaum daarentegen is het laatste lange verhaal, een soort vervolg op Lunatoys met dezelfde wacky pesonages. Het bleef onafgewerkt en werd in die vorm tevoren door Bee Dee uitgegeven. Voor de nieuwe editie kleurde Luc Cromheecke de strip in. Allemaal goed en wel, en het verhaal gaat er vlot in, maar dit mogen we niet als een volwaardig album beschouwen. De platen zijn haastige storyboards, de inkleuring is simplistisch. Er was gewoon geen geld om de kosten te verantwoorden voor het volledig tekenen en inkleuren van het verhaal. Het ontbreken van de afwerking hadden we daarom graag verrekend gezien in de verkoopprijs van het album dat nu gewoon te duur is. Ondanks dit mindere deel willen we nog lang geen afscheid nemen van Tom Carbon.