Geschreven door : Peter D'Herdt - Categorieën : Reviews De Stripspeciaalzaak

Djinn - Integraal - 1: Eerste cyclus

Djinn - Integraal - 1: Eerste cyclus

Extra dimensie

Dargaud bundelde de eerste vier delen van Djinn die samen de Ottomaanse cyclus vormen. Aansluitend zit een katern van 14 pagina's met de originele coverillustraties, tekeningen en schetsen. Hieronder verzamelen we onze archiefbesprekingen van deel 1 tot 4.

 

DJINN 1: DE FAVORIETE (2001)

In Djinn worden twee verhalen verteld die zich afspelen op dezelfde plaats, maar in een verschillend tijdperk: Istanboel in het jaar 1912 en 1999. In 1999 gaat een jonge Engelse vrouw, Kim Nelson, op zoek naar haar roots. Haar grootmoeder Jade blijkt vlak voor de Eerste Wereldoorlog de favoriete vrouw geweest te zijn van sultan Murati. Om het spoor van haar grootmoeder terug te vinden, laat Kim zich onderdompelen in een cultuur die totaal verschilt van de hare. En denk nu niet aan een sluimerende Sprookjes-en-Eén-Nacht-sfeer van jewelste. 

De wereld van de harems wordt hier anders belicht en die wereld is niet netjes. Kims zoektocht brengt heel wat aan de oppervlakte. Zo is de sultan tijdens de Eerste Wereldoorlog ooit een vriendje geweest van de Duitsers zoals zovele politici in die tijd. Dat hij daarbij een oorlogsschat heeft vergaard, bestemd voor de Duitse ambassade maar nooit bij hen terechtgekomen, wekt de belangstelling op van enkele obscure individuen. Een reden te meer om Kim te volgen in de hoop de schat terug te vinden. Stukje bij beetje kan Kim de levensloop van Jade reconstrueren. En ergens tussen verleden en heden ontmoeten hun paden elkaar, op een plaats waar lust en verbittering heerst: de harem!

 

DJINN 2: DE DERTIG BELLETJES (2002)

Jean Dufaux is een veelschrijver. Hij schrijft zoveel dat we vermoeden dat hij zelfs met zijn voeten zou verder schrijven, als je zijn handen zou vastbinden. Bovendien weet onze vriend altijd de meest getalenteerde tekenaars uit te kiezen voor het in beeld brengen van zijn scenario. Zo werkten Enrico MariniGriffo, Grzegorz Rosinski, Jan BosschaertRenaud en heel wat anderen reeds met hem mee. Mevrouw Ana Mirallès is het volgende talent in de Dufaux-stal en het gaat hier om een paradepaardje. Ze brengt het allemaal knap in beeld en weet wonderwel de juiste sfeer op te roepen bij het verhaal. 

Alles draait om een zekere Kim die bij Ebu Sarki op zoek gaat naar het verleden van haar grootmoeder. Om in zijn harem toegelaten te worden, moet ze de dertig belletjes die aan haar riem hangen zien kwijt te raken. Hoe? Elke keer als ze een man bevredigt, raakt ze een belletje kwijt. De vettigaards (ja, jij daar!) wrijven zich al in de handen en met reden: in ware Dufaux-stijl vliegt het bloot tegen honderd per uur aan onze neus voorbij. Maar dat is niet het enige: Dufaux schreef een onderhoudend scenario en slaagt erin om twee verhaallijnen overzichtelijk door elkaar te laten lopen, wat bij Jaguar minder lukte. Deze keer had hij waarschijnlijk wél zijn beide handen vrij.

 

DJINN 3: DE TATOEAGE (2003)

In dit derde deel gaat Kim Nelson verder op zoek naar haar roots, die ergens in Istanboel liggen. Haar grootmoeder, Jade, was er de favoriete van de sultan en Kim wil weten wat zich toen heeft afgespeeld en wat haar grootmoeder heeft bezield om verliefd te worden op Lord Nelson en de sultan te verraden.  De verhaallijnen van grootmoeder en kleindochter worden door Jean Dufaux haast geniaal door elkaar geweven, met knappe overgangen tussen beide verhalen. Voor één keer loopt Dufaux niet zelf verloren in zijn verhaalstructuur en zeker in dit derde deel vertelt hij een uiterst helder, maar toch zeer intrigerend verhaal. De grootste pluim mag echter op de hoed van Ana Mirallès, het zoveelste grote tekentalent dat met Dufaux samenwerkt.  Deze reeks heeft iets en Miralles geeft er nog die extra dimensie aan die de reeks makkelijk boven het gemiddelde in onze waarderingsschaal laat uitstijgen. En laat het feit dat Lord Nelson — en niet jij — het met twee knappe vrouwen tegelijk mag doen de pret niet bederven. Je had in 1912 maar in Istanboel moeten zijn...

 

DJINN 4: DE SCHAT (2004)

Geen idee of prinses Sheherazade in haar Sprookjes van Duizend-en-Eén Nacht de erotische toer op ging alvorens uit gebrek aan inspiratie het laatste loodje te leggen. Aan inspiratie ontbreekt het Jean Dufaux momenteel niet. Hij shudt het ene verhaal na de andere nieuwe reeks uit zijn mouw en laat gelukkig zijn lopende reeksen niet op zijn beloop. Voor Djinn documenteert hij zich ter dege. Hoewel het duidelijk om een scenario met mystieke, en ja, erotische inslag gaat, verraadt hij in zijn voorwoord een paar historische feiten. De vrijlating van de harem van de Turkse sultan Abdoel Hamid II op pagina 16 geeft rechtstreeks aanleiding tot een dijk van een scène die in de cinema broederlijk naast de eindscène van Dead poets society zou kunnen staan. Probeer je de rinkelende belletjes maar eens voor te stellen: kippenvel! Het gevecht dat Ana Mirallès (Eva Medusa) levert om alles in volgetekende en liefdevol ingekleurde pagina's te gieten, is bewonderenswaardig. Elk nieuw deel overtuigt bovendien meer en meer.

De zoektocht van Kim Nelson naar haar roots, meerbepaald het verhaal van haar grootmoeder Jade, staat in dit album wat in de schaduw van de Duits-Turkse politieke intriges ten tijde van de Eerste Wereldoorlog in Jades tijd. Maar het wordt ruim gecompenseerd door een ouderwetse zoektocht naar een (oorlogs)schat in Kims tijd. Of zijn het dan toch de erotische scènes in een zompig Arabisch decor die van deze reeks een bescheiden topper maken? Daarom raden we de liefhebbers het speciale album Ce Qui Est Caché aan. Dargaud bood het ter vertaling aan, maar de bestellingen van striphandelaars bleken te min om er de kosten uit te halen. Da's ons verlies, want het album staat tjokvol schetsen, voorstudies, aquarellen, coverstudies, een portfolio, uitleg over personages, intriges,...