Geschreven door : Bert Gevaert - Categorieën : Reviews De Stripspeciaalzaak

De ruiterlijke confessies van Dragon Dragon - 1: Valmy, 1792

De ruiterlijke confessies van Dragon Dragon - 1: Valmy, 1792

De achterkant van... de geschiedenis

De Slag bij Valmy (een klein plaatsje in het noorden van Frankrijk), die op 20 september 1792 werd uitgevochten tussen de Fransen en een coalitieleger van Pruisen en Oostenrijkers, is wellicht een van de vreemdste veldslagen uit de geschiedenis. Toen de Fransen in juni 1789 beslisten dat ze het beu waren om door aristocraten en clerici geregeerd te worden en er voor de koning uiteindelijk niets anders op zat dan de benen te nemen, veroorzaakte dat een schokgolf in Europa. Vooral Pruisen en Oostenrijk vreesden dat de ideeën van vrijheid en gelijkheid ook in hun gebieden onrust zouden veroorzaken en brachten in totaal zeven grote coalities op de been tegen het revolutionaire Frankrijk. Pas na de Slag bij Waterloo (18 juni 1815) werd dat land weer (tijdelijk) onder het gezag van een koning gebracht met wie de andere Europese vorsten geen problemen hadden. Niemand minder dan de beroemde schrijver Johan Wolfgang von Goethe (1749-1832) was aanwezig tijdens de Slag bij Valmy. Toen een van de Pruisische officieren hem vroeg wat hij dacht van het gevecht zou hij gezegd hebben: “Vanop deze plaats, en vanaf deze dag, begint een nieuw tijdperk in de geschiedenis van de mensheid en jullie kunnen allemaal zeggen dat jullie erbij waren!”

Hoe belangrijk de overwinning ook was voor het voortbestaan van het nieuwe Frankrijk, in feite stelde het gevecht zelf niet veel voor en er was zelfs amper sprake van een heuse veldslag. Het Franse leger bestond grotendeels uit een zootje ongeregeld, maar de leiding ervan was toevertrouwd aan twee zeer bekwame officieren, Charles-François Dumouriez (1739-1823), generaal van het Armée du Nord, en François Christophe Kellermann (1735-1820), generaal van het Armée du Centre, die respectievelijk 18.000 en 36.000 manschappen onder hun bevel hadden. De coalitie bestond uit 84.000 manschappen, hoewel het leger van opperbevelhebber Karel Willem Ferdinand van Brunswijk-Wofenbüttel (1735-1806) in Valmy slechts tussen de 30 à 34.000 sterk was.

Het gevecht beperkte zich tot wat heen en weer schieten met kanonnen (36 aan Franse kant, 54 bij de coalitietroepen), wat omwille van het vochtige terrein niet veel uithaalde. De projectielen stuiterden namelijk niet op het zompige slagveld, wat aan Franse zijde voor amper 300 slachtoffers zorgde en aan de overkant voor 164. Het belangrijkste wapenfeit van de slag was de explosie van een munitiewagen aan de Franse zijde, waardoor de Fransen even panikeerden. Kellermann riep zijn troepen tot de orde en chargeerde prompt in de richting van de vijand, wat voor een oppepper van jewelste zorgde bij de Fransen. “Vive la nation!” klonk het uit duizenden kelen. Tegen de late namiddag was het ‘gevecht’ afgelopen en de flauwe overwinning van de Fransen een feit.

Valmy lijkt weinig te hebben van een heroïsche epos, maar eerder van een groteske komedie... Dus voer voor scenarist Nicolas Juncker, die zich graag laat inspireren door oorlogsverhalen. Zou het niet kunnen dat de ogenschijnlijke nederlaag van de coalitietroepen en hun bizarre terugtrekking een mooi staaltje van veldslagfixing was? Een van de handlangers in dit complot is onze ‘held’ Pierre-Marie Dragon, een dragonder (dragon) van het Franse leger. Een dragonder verplaatste zich te paard, maar vocht doorgaans te voet, dus was geen echte infanterist en ook geen echte cavalerist. Een beetje zoals onze Dragon, die weliswaar een mooi uniform draagt, maar geen zier geeft om de glorie van zijn vaderland en het welzijn van zijn kameraden. Het liefst valt hij mannen langs achteren aan en dat laatste geldt zowel op het slagveld als in bed...

Een man als Dragon, die gedreven is door geilheid en hebzucht en van de verschrikking van oorlog en geweld een tragikomedie maakt, is natuurlijk gefundenes Fressen voor Simon Spruyt, van wie eerder De tamboer van Borodino verscheen. Was die laatste strip een diepzinnige, ja, haast filosofische bespiegeling op Napoleons fatale Russische Campagne (1812) met een onschuldige tamboer in de hoofdrol, dan is De ruiterlijke confessies van Dragon Dragon een satirische klucht met een doortrapte dragonder die de boventoon voert. Bij een luchtiger verhaal hoort ook een andere tekenstijl, die meer aanleunt bij Spruyts vroegere werk , zoals Bouvaert: Elegie voor een ezel. Toch betekent die luchtige stijl (en prachtige inkleuring door Frederik Van Den Stock) niet dat historische details van onder meer uniformen verwaarloosd zouden zijn. Meerdere pagina’s zijn kunstwerkjes op zich, waarbij op ludieke wijze gerefereerd wordt naar grafiek en schilderkunst uit de achttiende eeuw.

Wie in De ruiterlijke confessies van Dragon Dragon op zoek gaat naar grootse gevechten en stoere heldendagen zou weleens bedrogen uit kunnen komen, maar wie zoekt naar kolder en komedie tegen een goed onderzochte historische achtergrond, zal aan deze nieuwe reeks veel plezier beleven! Vive Dragon!