Geschreven door : David Steenhuyse - Categorieën : Reviews De Stripspeciaalzaak

Boeven op de kermis

Boeven op de kermis

Volle glorie met gebreken

Da's ook slim. Van alle kortere Robbedoes-verhalen die niet het titelverhaal van een album waren, sprong Bravo brothers er verreweg bovenuit. Laat dat nu net het verhaal zijn waarmee een nieuwe collectie werd gelanceerd. Boeven in de kermis volgt in dat zog en verschijnt nu als zelfstandig album in volle glorie. Hier geen monkey business met grappen en grollen en vooral veel slapstick, maar wel een sfeervolle thriller met veel vijandelijkheden. Dat begint al met Japanner Sotokiki die al judo'end twee bonkige belagers in een steegje in elkaar timmert en vervolgens Robbedoes en Kwabbernoot bij hun thuis komt vloeren. Vreemde introductie. Daarna houdt André Franquin Kwabbernoot en de Marsupilami buiten het verhaal zodat Robbedoes zijn mannetje kan staan op een kermis en tussen de woonwagens op zoek naar een ontvoerd kind. Enige stoorzender is Guust Flater die Robbedoes kordaat van zich afwimpelt. De arme kantoorklerk begrijpt er helemaal niets van.

Boeven op de kermis is geen uitschieter in het œuvre van Franquin. Dat wil nog niet zeggen dat er niets over gezegd kan worden. En dat gebeurt na talloze andere publicaties nu ook weer bij monde van José-Louis Bocquet en Serge Honorez die elk korter verhaal van een rijkgevuld en degelijk geïillustreerd achtergronddossier willen voorzien. Hun dossier is de best denkbare synthese van alle voorgaande studies en analyses. Hun bijkomende inbreng toetst hypotheses en eigen bevindingen aan feiten en getuigenissen waardoor je Boeven op de kermis op een heel andere manier gaat lezen én appreciëren. Als toemaatje is elke plaat ook afgebeeld in zijn authentieke vorm: in zwart-wit op vergeeld paper met aangebrachte correcties en lichtblauwe horizontale lijnen om het letteren te vergemakkelijken. De kleurenversie is trouwens gemonteerd zoals de oorspronkelijke verschijning in het weeeblad Robbedoes, dus met alle cliffhangers op de juiste plaats met inbegrip van het werkelijke einde dat voor de reguliere albumuitgave was weggelaten. De reden hiervoor lees je maar in dit boekwerk.

Het achtergronddossier steunt grotendeels op getuigenissen van Jidéhem, een trouwe assistent die behalve de decors van Robbedoes en Kwabbernoot ook jarenlang Guust Flater inktte en de populaire wagenrubriek Starter op zich nam. De manier waarop een autobotsing van zijn hand wordt geanalyseerd is haast een hymne op de maat van plooiend metaal en glasgerinkel. Verder komen het design uit de jaren 1950, de Wereldexpo '58 en de bokssport aan bod, naadloos afgewisseld met ditjes en datjes over Franquin en de periode waarin hij deze strip maakte.

Deze knappe hardcoveruitvoering op stijlvol mat papier heeft helaas enkele gebreken. Af en toe ging de tekstlay-outer de mist in door woorden en zelfs hele zinnen verkeerd te splitsen en we telden nog een paar andere schrijffouten. "Om redenen van authenticiteit zijn ook alle illustraties, alsook de covers Spirou, in het Frans hernomen" vonden we bovendien maar een flauw excuus om net niet die ene stap, dat greintje extra moeite, verder te willen gaan om alle Franstalige beelden te vervangen door hun Nederlandstalige equivalenten, want die bestaan op een enkele uitzondering allemaal. Wij hadden die zelfs kostenloos kunnen leveren. Het viel ons ook een beetje tegen dat niet ineens de hele lettering van het eigenlijke stripverhaal opnieuw is gedaan. Indertijd werd die voor de weekbladpublciaties precies van week tot week door een andere letteraar gedaan en dat is eraan te zien. De digitale technieken van vandaag hadden hier heel goedkoop soelaas kunnen bieden. Krijgen we alsjeblieft een herkansing bij het volgende album met De graaf is verstrooid?